Het Utrechtse Beurskwartier krijgt een collectief warmte- en koudesysteem met verschillende warmte-koudeopslag (WKO)-systemen. De verschillende warmtesystemen samen heten Beursnet en worden aangelegd door Eneco. Het bedrijf kan rekenen op veel aansluitingen, omdat voor de nieuwbouw in het gebied een aansluitplicht geldt. En dat is nogal wat: de komende tien jaar staan in het Beursgebied maximaal 4.223 woningen en 350.000 m² aan kantoren gepland.
Het wordt dus druk in het Beursgebied, en dat geldt ook voor de ondergrond. Om de beperkte ruimte daar goed te benutten, tekende de gemeente zeventien verschillende WKO-locaties in een bodemenergieplan. Daarmee moet de beschikbare warmte zo efficiënt en duurzaam mogelijk worden verdeeld.
Aansluitplicht
Een collectief warmtesysteem heeft voldoende aansluitingen nodig om rendabel te kunnen functioneren. Bovendien vond de gemeente het niet wenselijk dat nieuwe kantoren nog een gasaansluiting zouden krijgen. Om die redenen verplicht het TAM- omgevingsplan Warmtesysteem Beursgebied nieuwbouw in het Beursgebied om aan te sluiten op Beursnet.
De aansluitplicht geldt voor alle nieuwbouw, tenzij daarvoor een duurzamer alternatief warmtesysteem wordt gerealiseerd. Een vastgoedeigenaar moet dan aantonen dat dit systeem ten minste even duurzaam en milieubeschermend is als Beursnet. Daarbij wordt onder meer gekeken naar energiezuinigheid, het gebruik van hernieuwbare energie, NOx en fijnstof. Drijvende bouwwerken en zelfbouw in particulier opdrachtgeverschap zijn uitgezonderd van de aansluitplicht.
Andere wijken kijken met enige jaloezie naar die aansluitplicht. Parkdirecteur Roeland Tameling van bedrijventerrein Lage Weide in Utrecht schetst dat hiermee het afzetrisico voor de concessiehouder flink wordt verlaagd. En juist dat afzetrisico is volgens Tameling precies de spil waar het om draait bij investeringen in collectieve warmtenetten.
Wet collectieve warmte
Een constructie zoals die van Beursnet zal in de toekomst niet meer mogelijk zijn. De Wcw schrijft voor dat warmtebedrijven van grote collectieve warmtesystemen voor meer dan de helft in publieke handen moeten zijn. Daarmee wordt de ruimte voor private warmtebedrijven kleiner.
Ook de Utrechtse concessie met Eneco past niet bij de nieuwe wet, zegt Hans Kraaij. Hij is binnen de gemeente opdrachtgever van de warmteconcessie voor Beursnet. “In de toekomst zullen we voor gebiedsontwikkelingen van meer dan 1.500 woningen een warmtekavel vaststellen en ons publieke warmtebedrijf HVC aanwijzen om het collectieve warmtenet te realiseren.”
HVC is een energie- en afvalbedrijf in handen van 52 gemeenten en acht waterschappen. Het publieke bedrijf zamelt huishoudelijk afval in, boort aardwarmte aan en bouwt, beheert en exploiteert warmtenetten.
Dertig jaar
Eneco won de aanbesteding voor Beursnet in 2022, ruim voordat de Wcw door de Tweede Kamer werd behandeld. De gemeente heeft in de afspraken met Eneco wel geprobeerd rekening te houden met de toekomstige wet, zegt Kraaij.
De gemeente dacht de concessie bijvoorbeeld in lijn te kunnen brengen met de Wcw door het juridisch eigendom van Beursnet bij de gemeente te leggen. Het economisch eigendom ligt echter dertig jaar bij Eneco. Daarmee heeft Eneco het recht om Beursnet te ontwerpen, beheren en exploiteren.
Overgangsrecht
De constructie met gesplitst juridisch en economisch eigendom voldoet niet aan de eisen van de nieuwe wet voor een publiek meerderheidsbelang. Voor Beursnet lijkt dat vooralsnog echter geen probleem te worden.
Kraaij wijst op het overgangsrecht voor bestaande en lopende concessies. Beursnet hoeft daardoor pas over ongeveer twintig jaar grotendeels publiek te worden. Hoe het exploitatierecht dan wordt overgedragen, moet nog worden uitgezocht. Mogelijk kan Eneco de huidige concessie tegen die tijd zelfs uitzitten, denkt Kraaij.
Stadswarmtenet
In Utrecht ligt al een stadswarmtenet. Dit net is, anders dan het juridisch en economisch gesplitste Beursnet, helemaal in handen van Eneco. Het stadswarmtenet levert warmte op hoge temperatuur, grotendeels gevoed met warmte uit een gasgestookte centrale.
De gemeente wil liever niet dat hier nog nieuwbouw op wordt aangesloten, omdat nieuwbouw genoeg heeft aan warmte op lage temperatuur. Het hogetemperatuurnet kan dan worden gebruikt voor slecht te isoleren bestaande bouw.
Lagere energieprestaties
Beursnet zou volgens de oorspronkelijke plannen aanzienlijk duurzamer worden dan het bestaande stadswarmtenet. Zo was onder meer het gebruik van aquathermie en warmtepompen voorzien. Sinds de gunning aan Eneco in 2022 zijn de plannen echter veranderd. De ontwikkeling is bovendien vertraagd, vooral doordat verschillende nieuwbouwprojecten later starten dan verwacht. Wanneer de bouw daadwerkelijk begint, is nog altijd niet duidelijk.
Ook de technische opzet is veranderd. De energieprestaties die de gemeente aanvankelijk had berekend, bleken volgens Kraaij te optimistisch. De gemeente ging ervan uit dat één aaneengesloten warmtenet zou worden aangelegd. Eneco kiest echter voor verschillende warmteclusters.
Elk cluster krijgt enkele WKO-bronnen en een eigen energiecentrale met warmtepompen en warmtebuffers. In 2027 worden de clusters wel ondergebracht in één warmtekavel. Daarmee komt Beursnet boven de grens van 1.500 aansluitingen uit die in de Wcw wordt gehanteerd voor het regime voor grote collectieve warmtesystemen.
Kruisvaartkade
De energiecentrale van een warmtecluster komt volgens de plannen steeds in het eerst te verrijzen gebouw van het cluster te staan. Dat betekent voor het eerste cluster dat de geplande woningen aan de Kruisvaartkade een energiecentrale in het gebouw krijgen.
Ook de geplande woningen onder de naam Ondaatje en de voornamelijk uit kantoren bestaande ontwikkeling op het Matserterrein vallen binnen dit warmtecluster. De combinatie van kantoren en woningen is gunstig voor een WKO. Kantoren en woningen hebben namelijk niet op hetzelfde moment behoefte aan warmte en koude, waardoor ze elkaar deels kunnen aanvullen.
Geen aquathermie
Aanvankelijk stond in de plannen voor Beursnet het Merwedekanaal als warmtebron. Warmtepompen kunnen de relatief lage warmte uit het oppervlaktewater op de juiste temperatuur brengen. Maar volgens Eneco bieden de geplande nieuwbouwwoningen aan de Kruisvaartkade niet genoeg ruimte om op een rendabele manier gebruik te maken van aquathermie. Warmte uit het Merwedekanaal wordt daarom voorlopig niet ingezet.
Bij de woningen aan de Kruisvaartkade is bovendien te weinig ruimte voor de benodigde warmtepompen. Die zouden wel passen op het Matserterrein, dat later wordt gebouwd. Mogelijk worden de woningen aan de Kruisvaartkade daarom in deze eerste fase tóch aangesloten op het aangrenzende bestaande stadswarmtenet van Eneco.
Bestaande bouw
Hoe Beursnet zich verder ontwikkelt, is nog onbekend. Mogelijk wordt ook bestaande bouw in het Beursgebied in de toekomst aangesloten. De beursgebouwen worden de komende jaren ingrijpend gerenoveerd en worden daarmee waarschijnlijk geschikt voor warmte op lage temperatuur. Concrete afspraken over aansluiting zijn er echter nog niet.
Uiteindelijk kunnen de verschillende warmteclusters misschien ook op elkaar worden aangesloten, zoals de gemeente aanvankelijk voor ogen had. Maar ook dat is nog toekomstmuziek, zegt Kraaij.
Tariefkorting
In het warmteplan staan ook afspraken over de prijzen die bewoners gaan betalen. Zo wordt het maandelijks vastrecht laag gehouden, met verplichte tariefkortingen. Daarnaast gelden de op kosten gebaseerde prijzen voor geleverde warmte, zoals voorgeschreven in de Wcw. Die verdeling moet bewoners prikkelen om energie te besparen. Koude levert het warmtenet gratis. Voldoende afname van koude is nodig om de WKO goed te laten draaien.
Oneerlijke concurrentie
De eenmalige aansluitbijdrage komt voor rekening van de ontwikkelaars en vastgoedeigenaren. Die kosten vallen door de tariefkortingen voor bewoners relatief hoog uit. Dat zorgt weer voor oneerlijke concurrentie. Voor eventuele alternatieve warmtesystemen van ontwikkelaars en vastgoedeigenaren gelden die tariefkortingen namelijk niet.
In de laatste voortgangsbrief aan de gemeenteraad uit maart 2025 adviseerde het college van Utrecht daarom om de tariefkorting weer los te laten. Hier heeft Eneco tot nu toe nog geen gebruik van gemaakt.
Kwalitatieve eisen
Er zitten ook kwalitatieve eisen aan Beursnet. Zo moet er voldoende transparantie zijn richting bewoners en is ook de klanttevredenheid belangrijk. Als Eneco zich daar niet aan houdt, kan de gemeente het bedrijf daarop aanspreken. Uiteindelijk zou de concessie ook eerder kunnen worden beëindigd.
Aanvankelijk waren drie partijen geïnteresseerd in de concessie. Uiteindelijk bleef alleen Eneco over. Zowel de gemeente als Eneco doen verder geen uitspraken over de financiële opbouw en winstgevendheid van Beursnet.
















